Ik ben druk, beweeglijk, een kletskous. Altijd al geweest. Als klein meisje kon ik al niet lang achter elkaar tv kijken, ik wilde naar buiten, spannende dingen doen, in bomen klimmen enzo. Ik denk dat toen mijn moeder overleed – anderhalf jaar geleden – ik nog meer zo geworden ben. Niet omdat ik dat per se wilde, maar gewoon, omdat ik dan minder verdrietig was. Ik voelde me er beter door. Het is eigenlijk een beetje begonnen in groep acht van de basisschool. Stiekem roken, whisky van mijn vader drinken, uitgaan. Ik wist natuurlijk wel dat het niet mocht, dat het niet goed was, maar dat kon me niet veel schelen toen. En mijn vader, die was er toch nooit, die was altijd aan het werk, dus ik kon mijn gang gaan.